(Groningen 1887 - Groningen 1957) Geneeskundige.
Van 1917 tot 1921 gemeentearts van Groningen, van 1921 tot 1937 inspecteur van de volksgezondheid in Groningen en tevens in Drenthe. Zijn zorg richtte hij vooral op moeders en zuigelingen. Als inspecteur van de volksgezondheid in Drenthe had hij samen met mevr. Pelinck-Zijnen de Gier zitting in een commissie voor de Hygiëne van Moeder en Kind, die op initiatief van de toenmalige Commissaris der Koningin, Linthorst Homan in het leven was geroepen met als taak om te rapporteren over de mogelijkheden om te komen tot verbetering van de hygiëne van moeder en kind. Deze commissie was er één van de vier, die in 1924 hebben geleid tot de Centrale Vereniging voor den Opbouw van Drenthe. In 1927 ging de Commissie voor de Hygiëne van Moeder en Kind deel uit maken van de Provinciale Drentse Groene Kruisvereniging. De commissie nam onder meer maatregelen om de kraamverzorging in de veenstreken te verbeteren, er werden in heel Drenthe consultatiebureaus gesticht, die zich ook op de gezonde zuigelingen richtten onder het motto: voorkomen is beter dan genezen.
Tuntler schreef veel op sociaal-medisch gebied. Zo verscheen van zijn hand De gezondheid van de kinderen in de Drentsche veenstreken (1926). Van 1937 tot 1947 was hij directeur van de Geneeskundige Dienst te Amsterdam. Ten slotte werd hij hoogleraar in de sociale hygiëne aan de universiteit te Groningen.
- Functie: Geneeskundige
- Geboren: 1887-01-01
- Gestorven: 1957-01-01
- Geboren in: Groningen
- Gestorven in: Groningen