(Leeuwarden 1917 - Hoogeveen 2002) Behoeder van het joods erfgoed in de noordelijke provincies.
Geboren in Leeuwarden als zoon van een rabbijn. In juli 1942 wist hij na een onderduikperiode en een gevaarvolle tocht via België, Zwitserland en Frankrijk, vaak op de rand van een fatale mislukking, Engeland te bereiken. Hij werkte als arts bij het Hadassa ziekenhuis in Jeruzalem, het ziekenhuis in Enschede, als directeur van het Röpke Zweers ziekenhuis in Hardenberg en als orthopedisch chirurg bij het ziekenhuis Bethesda in Hoogeveen.
In 1978 was hij in Hoogeveen de initiatiefnemer van een regionale afdeling van het Genootschap Nederland-Israël. Samen met zijn vrouw Miep Granaada-de Jong zette hij zich in voor restauratie van de synagoge in Bourtange. Op hun initiatief werd in 1994 bij het joodse monument aan de Zuiderweg een 'ner tamied', een eeuwig brandende lamp geplaatst. Veel tijd stak hij in het project Matseeba: het fotograferen van alle zerken en het vertalen van de teksten daarop van alle joodse begraafplaatsen in Drenthe. In lezingen deed hij velen kennis maken met de boeiende aspecten in de geschiedenis, de cultuur en de religie van het jodendom.
- Functie: Arts
- Geboren: 1917-01-01
- Gestorven: 2002-01-01
- Geboren in: Leeuwarden
- Gestorven in: Hoogeveen