Begrip

vliegveld havelte

reageer

Uw reactie

Wij zijn altijd opzoek naar reacties om de kennisbank van Drenthe uit te breiden. Wanneer u een correctie wilt doorgeven of een lemma wilt aanleveren voor de Drentse encyclopedie dan kunt u onderstaand formulier gebruiken. Ontroerende anekdotes bij een lemma of anderszins bijzondere verhalen worden niet als zodanig opgenomen in de encyclopedie. Deze reacties zullen derhalve niet in behandeling worden genomen.

M.A.W. Gerding
Bron: sporen WOII

Internationaal gewapend conflict, uitgebroken nadat Duitsland op 1 september 1939 Polen binnenviel; Frankrijk en Engeland verklaarden daarop op 5 september de oorlog aan Duitsland. Nederland was aanvankelijk neutraal, tot de Duitse inval van 10 mei 1940.

In internationaal of nationaal perspectief heeft Drenthe niet erg te lijden gehad van oorlogshandelingen. Er zijn geen steden platgebombardeerd, er hebben geen tankslagen plaatsgevonden en ook de hongerwinter heeft hier niet om zich heen gegrepen. Dat betekent geenszins dat niet van een bijzondere situatie sprake was. Het Kamp Westerbork, het relatief hoge aantal werkkampen, het vliegveld te Havelte, de joodse onderduik in Nieuwlande en de Frieslandriegel, de verdedigingslinie dwars door Drenthe, behoren tot de Drentse oorlogsbijzonderheden.

Nadat in mei 1940 de Duitse bezetting een feit was, hernam het leven van alledag al spoedig zijn normale loop. Dat was wat de Nederlandse overheid ook beoogde. Burgemeesters en andere bestuurders werd gemaand op hun post te blijven om de belangen van de bevolking zo goed mogelijk te behartigen. Alleen burgemeester Mackay van Meppel wenste zich niet terughoudend op te stellen en werd al na enkele maanden vervangen wegens openlijk verzet tegen de nieuwe machtshebber. De bezetter stelde zich de eerste tijd terughoudend op en hoopte de Nederlandse bevolking met zachte hand te winnen voor de ideeën van het nationaal-socialisme, onder andere door een verfijnd propagandasysteem van radio, film en kranten. De Nederlandse pers werd direct onder controle gebracht en onder censuur geplaatst. Allerlei organisaties werden verboden en vervangen door Duits-vriendelijke en velen werden gedwongen een Ariërverklaring te tekenen. Veel succes hadden al die pogingen niet. De aanhang voor de NSB in Drenthe, die bij verkiezingen in de jaren '30 hier relatief veel stemmers trok, bleef beperkt. Van 800 leden in 1939, steeg het ledental tot ongeveer 2800 in 1943.

Een tweede belangrijke doel van de bezetter was het inschakelen van de Nederlandse economie bij de Duitse oorlogsmachine. Daartoe werd allengs een steeds groter deel van wat in de landbouw en industrie geproduceerd werd weggevoerd naar Duitsland. Hier werd een distributiesysteem ingevoerd om de steeds schaarsere goederen te ver-delen. In het westen van het land leidde dit, mede door de spoorwegstaking, in de winter van 1944-1945 tot de hongerwinter, waarbij velen het leven lieten. In Drenthe was tijdens de hele oorlog voldoende voedsel en brandstof (turf) aanwezig. Tal van mensen uit de steden in het Westen kwamen te voet of met de fiets naar hier op hongertocht om voor hun gezinsleden wat etenswaren bij elkaar te verzamelen.

In de nacht van 2 op 3 oktober 1942 werden de joodse Drenten door Nederlandse politieagenten uit hun huizen gehaald en naar het Kamp Westerbork getransporteerd. Slechts een enkele agent weigerde, en ook burgemeester Wijtema van Beilen, die daarop prompt werd ontslagen. Ook de werkkampen voor joodse mannen die in het voorjaar van 1942 in Drenthe waren ingericht bij Diever, Mantinge, Vledder, Orvelte, Gijsselte, Stuifzand, Geesbrug en Kremboong werden in diezelfde nacht ontruimd. Van de ongeveer 1600 Drentse joden in 1940 waren er in 1947 slechts 147 overgebleven.

Sinds de april-mei staking van 1943, ook wel de melkstaking genoemd omdat vaderlandslievende boeren weigerden om melk te leveren aan de zuivelfabrieken en deze liever in de sloot lieten weglopen, werd de houding van de bezetter steeds grimmiger. Ook het verzet nam sterk toe, vooral om alle onderduikers die probeerden aan de Duitse arbeidsinzet te ontkomen van de nodige bonnen te voorzien. Het verzet in Drenthe trok relatief meer mensen dan elders in het land, en geduchte knokploegen waren op tal van plaatsen in Drenthe actief. Distributiekantoren en gemeentehuizen werden gewapenderhand bestormd om bevolkingsadminstraties in het ongerede te brengen en bonnen te ontvreemden. Zo'n veertig overvallen werden in Drenthe gepleegd. Bekend werd de overval op het Huis van Bewaring te Assen op 11 december 1944 waarbij 29 arrestanten werden bevrijd, vooral kameraden die waren gepakt.

De bevrijding in april 1945 verliep in Drenthe veel moeizamer dan de bezetting vijf jaar eerder. De Duitsers boden op sommige plaatsen veel verzet. De Franse parachutisten die in de nacht van 7 op 8 april achter de vijandelijke waren gedropt om verwarring te zaaien, konden daaraan niet veel veranderen (Operatie Amherst). De Canadeze en Poolse troepen waren van 6 tot 14 april bezig om geheel Drenthe te bevrijden. [M.A.W. Gerding]

Literatuur

  • Lit.: M.A.W. Gerding en J. Hagen, Drenthe in de oorlog (Assen 1985).