Persoon

Lubertus Koops

Functie: Dichter, Toneelschrijver

Geboren: 1877
Gestorven: 1934

reageer

Uw reactie

Wij zijn altijd opzoek naar reacties om de kennisbank van Drenthe uit te breiden. Wanneer u een correctie wilt doorgeven of een lemma wilt aanleveren voor de Drentse encyclopedie dan kunt u onderstaand formulier gebruiken. Ontroerende anekdotes bij een lemma of anderszins bijzondere verhalen worden niet als zodanig opgenomen in de encyclopedie. Deze reacties zullen derhalve niet in behandeling worden genomen.

(Assen 1877 - Den Haag 1934) Dichter en toneelschrijver. Broer van Geert Koops.

Had als PTT-beambte diverse standplaatsen, was ten slotte adjunct-commies in Den Haag. Koops werd het bekendst als dichter, in casu liedtekstschrijver. Zijn werk verscheen hoofdzakelijk in periodieken als het maandblad Drente, de Nieuwe Drentsche Volksalmanak en De Kampioen. In 1933 verscheen zijn bundel 12 Drentsche liederen, waarin hij de Drentse natuur en alle bekoorlijkheden van zijn geboortegrond bezingt. Zijn verheerlijking van het Drentse land lijkt het gevolg van de nostalgie waardoor zo menig 'Drent in den vreemde' bevangen wordt. De liederen werden populair doordat ze dikwijls op de bijeenkomsten van de Drentse verenigingen buiten de provincie gezongen werden. Sommige liederen met melodie verschenen ook als losse bladen, bijv. Drenthe!, Het lied van oes Drenthe en 'k Wil zingen van Drenthe. Ook in een aantal bloemlezingen werd werk van hem opgenomen. In 1934 verscheen van hem in boekvorm - nadat het eerst in de NDV had gestaan - het toneelspel De Ballerkoel.

Voor Het Lantschap Drenthe in Den Haag, waarvan hij kort voor zijn dood in 1934 secretaris werd, schreef Koops verscheidene toneelstukken in Drents dialect. Bekende titels zijn: Bij den photograaf (1931), Rondom het hunebed (1932), Hooge bomen vatten veule wiend (1934), De eerste pries en De wieze burgemeester.

Literatuur