Persoon

Henricus van Kessel

Functie: Aartspriester

Geboren: 1792
Gestorven: 1870

reageer

Uw reactie

Wij zijn altijd opzoek naar reacties om de kennisbank van Drenthe uit te breiden. Wanneer u een correctie wilt doorgeven of een lemma wilt aanleveren voor de Drentse encyclopedie dan kunt u onderstaand formulier gebruiken. Ontroerende anekdotes bij een lemma of anderszins bijzondere verhalen worden niet als zodanig opgenomen in de encyclopedie. Deze reacties zullen derhalve niet in behandeling worden genomen.

(Zwolle 1792 - Zwolle 1870) Aartspriester.

Priester gewijd in 1818. Slechts vier jaar was hij buiten Zwolle als pastoor werkzaam, n.l. te Assen van 1833 tot 1837. Bij zijn benoeming in Zwolle werd hij tevens aartspriester, verantwoordelijk voor Salland, Groningen en Drenthe. Tijdens zijn Asser jaren, waar hij in 1833 de eerste pastoor werd, had hij Drenthe goed leren kennen en begreep hij de problemen van de Drenten die kerken wilden bouwen. Hij was in zijn Asser periode van belang voor de katholieken van Veenhuizen en Frederiksoord en voor de katholieke bewoners van Nieuw Schoonebeek, die het niet eens waren over de plek, waar de kerk moest komen.

In 1842 werd Van Kessel overgeplaatst naar Groningen, waar hij zowel van Groningen als van Salland en Drenthe aartspriester bleef. In 1853 vertrok hij weer naar Zwolle, waar hij tot 1866 pastoor was en deken, nu er weer een bisschop zetelde in Utrecht. Tijdens zijn bestuur als aartspriester wees hij ook de plek waar in Zandberg de kerk moest komen. Tijdens zijn dekenaat ontstonden kerken in Meppel (1861) en Erica (1866). Voordien waren er alleen kerken in Coevorden (1789), Frederiksoord (1822) en Veenhuizen (1826). Van Kessel was geheim Kamerheer van paus Pius IX.

Literatuur