Locatie

Dwingeloo

reageer

Uw reactie

Wij zijn altijd opzoek naar reacties om de kennisbank van Drenthe uit te breiden. Wanneer u een correctie wilt doorgeven of een lemma wilt aanleveren voor de Drentse encyclopedie dan kunt u onderstaand formulier gebruiken. Ontroerende anekdotes bij een lemma of anderszins bijzondere verhalen worden niet als zodanig opgenomen in de encyclopedie. Deze reacties zullen derhalve niet in behandeling worden genomen.

Schaafsma
Bron: Drents Archief

Dr.: Dwingel

1. Voormalige gemeente, zie: Westerveld.

2. Esdorp in de gemeente Westerveld, hoofdplaats van de voormalige gemeente Dwingeloo; 2380 inwoners en 1010 woningen (2000). Gelegen halverwege tussen Assen en Meppel en tegenover Diever aan de andere kant van de Drentsche Hoofdvaart; hiertussen loopt de Dwingelerdijk.

Ten zuiden van het dorp liggen de Dwingelder-es, voorts het Dwingelderveld en de Dwingeler Heide, tezamen het Nationaal Park Dwingelderveld. Ten noorden ervan loopt de Dwingelderstroom, die westwaarts Oude Vaart en oostwaarts Beilerstroom heet. Ten oosten van het dorp en Lhee strekt de boswachterij Dwingeloo zich uit tot over de grens met de gemeente Midden-Drenthe (tot 1998 Beilen). Aan de westzijde liggen restanten van de havezaten Batinge en Entinge.

Bronnen vermelden: Twingelo (1180-81), Dwingelo (1206), Thuingelo (1207), Dwyngheloe (1487), Duingelo (1583) en Dwingelo (1811-13). De naam bestaat uit dwinge, twinge, afgeleid van het oud-Saksisch thingan = bedwingen, en lauha/loo = bos of open plek in het bos. De betekenis luidt: bedwing het bos. Ook wordt wel gedacht aan thwangi = riem; het gaat dan om een smalle strook land, begroeid met bos.

De hervormde Nicolaaskerk is een bakstenen, gotische zaalkerk uit het begin van de 15e eeuw, met eenbeukig schip, versmald koor en een driezijde apsis. In 1630 is de kerk deels ingestort. De torenspits, een replica naar het origineel uit 1631, heeft een uivorm; daarom wordt de kerk ook wel de Siepelkerk genoemd. De kapel aan de noordzijde behoorde tot het huis Entinge. In 1923 trof een grote brand de kerk; slechts het muurwerk bleef gespaard. In het koor van de kerk bevindt zich de grafkelder van het huis Batinge, in de kapel ligt onder het herengestoelte de begraafplaats van de familie Van Westerholt tot Entinge. Het interieur omvat o.a. een orgel uit 1886 (geplaatst in 1964), een grafzerk uit 1600 van Elisabeth van Echten tot Oldengaerde en wapenstenen en portretten van het echtpaar Rutger van den Boetzelaer en Bathina van Lohn. Oorspronkelijk waren de portretten bevestigd in de luiken van het orgel dat door dit echtpaar in 1665 aan de kerk werd geschonken. De preekstoel is tussen 1923 en 1925 vervaardigd door R. Marissen en J. Bakker.

Winkelier en handelaar Frederik Alberts Kok (1803-1860), autodidact hield in zijn woning sinds 1826 godsdienstige samenkomsten. Hendrik de Cock vormde in Koks huis een gemeente in 1835 (erkend in 1842). Kok schonk ook de grond voor de bouw van een afgescheiden kerk.

Tot in de jaren '50 van de 20e eeuw bestond het dorp hoofdzakelijk uit boerderijen rond de brink en langs de weg naar het Westeinde. Dit buurtschap vormt samen met Dwingeloo een marke. De brink werd in 1967 tot beschermd dorpsgebied verklaard. Plaatselijk spraakgebruik: 'Wij gaot en de Brink', wat betekent: 'Wij gaan naar Dwingeloo'. Hiermee wordt de Brink bedoeld, het centrale punt van de gehele gemeente.

Elk jaar op 17 januari komt het Sint-Anthoniusgilde bijeen. Sinds 1725 jaarmarkten op de tweede maandag in mei en oktober.

Bezienswaardigheden: Saksische boerderijen, schultehuis (eind 17e eeuw), de 'Franse Huizen' (eind 17e eeuw, zie: Hugenoten), havezate Oldengaerde (15e eeuw, verbouwd 1717), havezate Westrup (17e eeuw, verbouwd 19e eeuw), pastorie (1868), de Bork (1910), Olden Hut (1916), Nije-Batinghe (1923, Art and Craft), Nyengaerde (1926), gemeentehuis (1939), het beeld 'De Juffer van Batinge' (1997), het Batingeschut (een replica van een stuw uit de 17e eeuw) en de oudheidkamer 'de Börgemeesterskaemer' in het gemeentehuis.

Dwingeloo is verder bekend om het Planetron en om zijn 25 m hoge radiotelescoop uit 1955, verder zuidoostwaarts.

Schimpnamen voor de inwoners: Doeven, Doefies, Varkens en Poepen (Duits werkvolk). 

Literatuur