Locatie

Diependal

reageer

Uw reactie

Wij zijn altijd opzoek naar reacties om de kennisbank van Drenthe uit te breiden. Wanneer u een correctie wilt doorgeven of een lemma wilt aanleveren voor de Drentse encyclopedie dan kunt u onderstaand formulier gebruiken. Ontroerende anekdotes bij een lemma of anderszins bijzondere verhalen worden niet als zodanig opgenomen in de encyclopedie. Deze reacties zullen derhalve niet in behandeling worden genomen.

Natuurreservaat in voormalig vloeiveldencomplex nabij Oranje.

Eigendom van Het Drentse Landschap. De vloeivelden zijn indertijd ingericht met het doel afvalwater van de aardappelmeelfabriek 'Oranje' te zuiveren. Het zeer eiwitrijke water bood behalve ongekende stank voor omwonenden een rijke bestaansmogelijkheid voor met name insecten en hun larven en kleine kreeftachtigen. Deze vormden een belangrijke voedselbron voor vogels - vooral steltlopers - die hier vooral tijdens de trek in grote getale tijdelijk neerstreken.

Na sluiting van de fabriek in 1980 is onderzocht of de vloeivelden als natuurgebied zouden kunnen blijven fungeren. De planologische bestemming van natuurgebied (in plaats van landbouwgrond) moest evenwel nog wel politiek worden gesteund. Met minimale meerderheid stemden Provinciale Staten hier na veel discussie mee in. In 1984 werd Diependal verworven. Vervolgens werd een inrichtingsplan opgesteld. Uitgangspunt was een 'sawasysteem': het kunstmatig bevloeien van de vloeivelden, opdat er brede slikkige zones naast open water zouden blijven bestaan. De nieuwe situatie heeft geleid tot andere aantallen en andere soorten trekvogels waaronder steltlopers als Groenpootruiter, Zwarte ruiter, Watersnip. Anderzijds is de functie als broedgebied versterkt. Meerdere zeldzame soorten broeden er; bijvoorbeeld Geoorde fuut, Dodaars, Roodhalsfuut, Bruine kiekendief, Baardmannetje, Blauwborst en Krakeend. In de trektijd verschijnen er vele soorten eenden, steltlopers, roofvogels en zangvogels, soms in grote getale. In het gebied staat een kijkhut, die via een tunnel van 162 m te bereiken is.

Literatuur