Begrip

Aardolie

reageer

Uw reactie

Wij zijn altijd opzoek naar reacties om de kennisbank van Drenthe uit te breiden. Wanneer u een correctie wilt doorgeven of een lemma wilt aanleveren voor de Drentse encyclopedie dan kunt u onderstaand formulier gebruiken. Ontroerende anekdotes bij een lemma of anderszins bijzondere verhalen worden niet als zodanig opgenomen in de encyclopedie. Deze reacties zullen derhalve niet in behandeling worden genomen.

Bron: Drents Archief

Delfstof waarvan het meeste voorkomt onder Zuidoost-Drenthe, in het bekende Schoonebeek-olieveld, met voorheen honderden jaknikkers.

Aardolie ontstaat uit een bezinksel van dode resten van planten, bomen en dieren in zeewater. Dit microplankton zonk naar de bodem van de zee, ongeveer 180 miljoen jaar geleden. Het plankton werd bedekt door zand, grind en klei dat rivieren van het vaste land aanvoerden. Door de uitgeoefende druk hiervan en temperatuurverhoging met de diepte werd door een ingewikkelde chemische omzetting uit het plankton aardolie gevormd. De olie bevindt zich in de poriën van zandsteenlagen die tussen 60 en 120 miljoen jaar oud zijn (Bentheimer zandsteen en bitumeuze leisteen uit de perioden OnderKrijt / Boven Jura; zie: Geologie). Doordat ondoordringbare zoutlagen de olie belemmeren te ontsnappen en structuren in het gesteente de horizontale beweging beperken, ontstaat een oliereservoir.

Olie is van nature een stroperige vloeistof, die omhoog gepompt moet worden, ondanks de hoge temperatuur (tot 110 graden Celsius) en druk tot 300 bar. Het olieveld van Schoonebeek werd in 1943 na een intensieve opsporingscampagne door de Bataafsche Petroleum Maatschappij ontdekt en na bewuste vertraging in 1948 door de pas opgerichte NAM in productie genomen. De winningslocaties lagen in een strook van een paar kilometer langs de rijksgrens bij Schoonebeek. Ze bestonden uit een verhard plateau met een productieput, een jaknikker (oliepomp), eventuele verdere installaties, afschermende beplanting en een verharde toegangsweg. De olie werd met pijpleidingen naar verzamelstations getransporteerd en daarna per trein naar de raffinaderijen (Pernis) vervoerd. De opgepompte olie bestond de laatste jaren uit 95% zout water en 5% olie.

In 1996 is de oliewinning stopgezet omdat deze niet meer rendabel was. Sindsdien zijn de winningslocaties opgeruimd. In het dorp Schoonebeek staat nog zo'n karakteristieke jaknikker als herinnering aan deze periode. Het is niet uitgesloten dat de productie in de toekomst weer wordt hervat. Een aanzienlijk deel van de olie in het Schoonebeek-veld zit nog in de bodem. Er wordt onderzocht of nieuwe technieken voor een hernieuwde start van de oliewinning uit dit veld kunnen zorgen. [van Heuveln & Houtman]

Literatuur